Verdieping 13 jun 2024

John Fitzgerald Kennedy (JFK)

Suddenly (1954) | Lewis Allen

Zelden vertoonde thriller waarin uitgerekend Frank Sinatra een huurmoordenaar speelt die met periscopisch geweer de president moet koud maken. ‘The Voice’ werd na de moord op zijn buddy JFK niet graag aan deze curieuze rol herinnerd. Suddenly speelt zich grotendeels af in Newhall, een stoffig stadje op 55 kilometer van Los Angeles. De moordenaar, Johnny Barin is de enige onverbeterlijke slechterik die Sinatra ooit in een film speelde. Hij verschijnt voor het eerst na twintig minuten, gijzelt een gezin en knalt in koelen bloede een Secret Service agent neer. Zoals James Kaplan in zijn biografie Frank Sinatra: The Chairman opmerkt, filmt de D.O.P. Charles G. Clarke de zanger/acteur vaak in close-up en met verbazingwekkend veel shots van zijn ‘slechte’ kant, de linkerkant van zijn gezicht dat rond het oor en in de nek wat vervormd is door een tangverlossing bij zijn geboorte en een mastoïd-operatie in zijn kindertijd. Met deze film bewees Sinatra dat hij naast een muziekster ook een echte filmster was. Hij had natuurlijk al een Oscar op zak voor zijn vertolking in From Here to Eternity maar daar vertoefde hij nog het gezelschap van Montgomery Clift en Burt Lancaster. In Suddenly stond hij er quasi alleen voor, het was zijn eerste one-man showcase. Met Sterling Hayden, James Gleason, Nancy Gates.

Zapruder film (1963) | Henry Zapruder

Wie het één keer heeft gezien vergeet het allicht nooit meer: beeldje 313 van de Zapruder 8-mm film waarin de schedel van president John Fitzgerald Kennedy aan flarden wordt geschoten. Het werd gedraaid door een kledingfabrikant die erbij stond toen de presidentiële Lincoln-limousine in de wijk Dealey Plaza, Dallas, onder vuur werd genomen. Wat de Zapruder film die welgeteld 26,6 seconden duurt zo fascinerend maakt is dat het een uniek staaltje is van de ambiguïteit van het gefilmde beeld en het relatieve van de waarheid die zogenaamd objectief wordt geregistreerd. Terwijl de Warren commissie (opgericht door Kennedy’s kersverse opvolger, zijn vicepresident Lyndon Johnson, en voorgezeten door de opperrechter van het Hooggerechtshof Earl Warren) op 24 september 1964 concludeerde dat Lee Harvard Oswald de schutter was en op eigen houtje handelde, gebruikt Oliver Stone in JFK hetzelfde filmpje als bewijs van een samenzwering. Fotogram 313 toont dat de kogel het hoofd van de president links naar achteren blies, wat erop wijst dat het fatale schot van ergens anders kwam dan van de zesde verdieping van een rood bakstenen magazijn waar Oswald had postgevat. Het ironische is dat de beruchtste filmstrook uit de geschiedenis er bijkans nooit geweest was. Zapruder had zich al geïnstalleerd op de plek die hij uitgekozen had om de presidentiële colonne van zo dichtbij mogelijk te zien voorbijtrekken, maar toen hij besefte dat het zicht op de president vanuit de hoek waar hij stond dermate ideaal was, spoedde hij zich nog snel naar huis om zijn camera te halen die dit moment kon vastleggen, niet vermoedend dat het een Historisch Moment met hoofdletter ‘H’ zou worden.

Rush to Judgment (1967) | Emile de Antonio

Na zijn film over de McCarthy hoorzittingen (Point of Order, 1964) en voor zijn film over de oorlog in Vietnam (Year of the Pig, 1968) geeft counterculture documentairemaker Emile de Antonio zijn ‘alternatieve’ kijk op de moord op JFK. Advocaat-schrijver Mark Lane interviewt getuigen die niet eerder gehoord werden en legt daarmee ook de ernstige gebreken bloot in de conclusies van de Warren Commissie. Zelfs wie niet in samenzweringstheorieën gelooft zal tenminste begrijpen waar ze vandaan komen. Of zoals een van de getuigen het verwoordt: ‘I figure there’s somethin’ else been goin’ on besides what should be.’

Suddenly
Frank Sinatra is een huurmoordenaar in "Suddenly"

Executive Action (1973) | David Miller

Bijna onbegrijpelijk dat deze kernachtige B-film van minder dan één miljoen dollar, snel ingeblikt op locatie in Los Angeles en Tulsa, Oklahoma (stand-in voor Dallas), niet eens in ons land werd uitgebracht. Het was de eerste speelfilm waarin de moord op John Fitzgerald Kennedy, de vijfendertigste Amerikaanse president van de Verenigde Staten op 22 november 1963 in Dallas, Texas, als een samenzwering werd beschouwd. De release van de film was zo getimed dat dit zou samenvallen met de tiende verjaardag van Kennedy’s dood. Executive Action is gebaseerd op een roman van Mark Lane en Donald Freed Executive Action: Assassination of a Head of State; Lane was ook de auteur van Rush to Judgment, dat de conclusie van het officiële Warren Report over de moord in twijfel trok.
Het sterke scenario van Dalton Trumbo, die destijds voor zijn communistische sympathieën op de zwarte lijst kwam te staan, onderschrijft de nog altijd in mysteries gehulde conspiratie theorieën. Via een mix van nagespeelde scènes, journaalbeelden en hypothesen daar waar precieze feiten ontbreken, reconstrueert de vakbekwame David Miller de gebeurtenissen die tot de aanslag in Dallas (zouden) geleid hebben en waarin afvallige inlichtingenagenten, rechtse politici, hebzuchtige kapitalisten en freelance huurmoordenaars tegen Kennedy complotteren. Het doel van deze film, zei hoofdrolspeler Burt Lancaster, is de mensen iets sceptischer te maken. Lancaster die in Seven Days in May, een politieke thriller die de zegen kreeg van president Kennedy, al een generaal speelde die een coup pleegt tegen de zittende president, neemt nu de rol voor zijn rekening van Farrington, het brein achter de moord op een president die volgens zijn vijanden al te gretig ingaat op de eisen van de Russen en de Burgerrechtenbeweging. Ter voorbereiding op de film dompelde Lancaster zich onder in het Warren Report en de feiten en bewijzen van de samenzweringstheorie. Hij overtuigde er zichzelf van dat Lee Harvey Oswald in de val werd gelokt en de perfecte communistische zondebok was. Voor sommige Amerikaanse critici was dit een onverantwoordelijk melodrama dat een nationale tragedie trivialiseerde. Joan Mellen daarentegen noemde het in Cinéaste ‘de eerste belangrijke film over de executie van Kennedy, bedoeld voor een zo ruim mogelijk Amerikaans publiek.’ Met Robert Ryan, Will Geer, Gilbert Green, John Anderson, Ed Lauter.

The Trial of Lee Harvey Oswald (1977) | David Greene

Wat zou er gebeurd zijn indien Kennedy-moordenaar Oswald (Ben Gazarra) niet vermoord werd, maar zou terechtstaan voor zijn daad? Oswald ontkende de schoten op de president te hebben afgevuurd of zelfs maar iets tegen Kennedy te hebben. ‘I didn’t shoot anyone. I’m just a patsy,’ vertelde hij aan journalisten. Met Lorne Greene, Frances Lee McCain, Lawrence Pressman.

Executive action
Wat als de moord op JFK wél een samenzwering was?

JFK (1991) | Oliver Stone

Oliver Stone spint rond de moord op John Fitzgerald Kennedy een byzantijns labyrint van paranoia en verdachtmaking en neemt als spreekbuis en held van de film Jim Garrison (Kevin Costner), de omstreden officier van justitie uit New Orleans, die hier regelrecht uit een populistisch sprookje van Frank Capra lijkt te stappen. Met zijn doolhof van duistere complottheorieën slaagde Stone erin alle partijen de (mede)schuld van de moord op JFK in de schoenen te schuiven. Een van de grootste tegenstanders van de film was de machtigste man van de Amerikaanse filmindustrie: Jack Valenti, voorzitter van de MPAA (Motion Pictures Association of America). In een vroeger leven werkte Valenti voor Lyndon B.Johnson, de opvolger van Kennedy. Hij pikte het niet dat zijn vroegere president indirect beschuldigd werd van medeplichtigheid. Stone joeg ook de homogemeenschap op stang door de samenzwering nadrukkelijk te situeren in een bizar wereldje van homoseksuele sadomasochistische neofascisten rond de rentenierende zakenman Clay Straw (Tommy Lee Jones in grote doen). Stone bombardeert ons meer dan drie uur lang met een overdonderende mix feiten en verzinsels, paranoïde theorieën en imponerende dossierkennis, intens docudrama en opruiende visuele retoriek. Hij doet dit in een versplinterde vertelling waarbij verschillende formaten en pellicule, kleur en zwart-wit met groot brio door elkaar geklutst worden. Zeker filmtechnisch en narratief is JFK een sterke film, al zorgt het personage van Garrisons zeurende echtgenote (Sissy Spacek) en de schaamteloze sentimentaliteit van Garrisons finale speech op de rechtbank wel voor mindere momenten. Met Gary Oldman, Jack Lemmon, Walter Matthau, Sally Kirkland, Edward Asner, Vincent D’Onofrio, Michael Rooker, Joe Pesci, John Candy, Kevin Bacon, Donald Sutherland.

Ruby (1992) | John Mackenzie

John Mackenzie schetst het portret van de nachtclubeigenaar uit Dallas die voor de ogen van televisiekijkend Amerika Lee Harvey Oswald, de moordenaar van president Kennedy, neerknalde toen deze op het punt stond te worden overgebracht naar de lokale gevangenis. Mackenzie (best bekend voor de hondsbrutale Britse thriller The Long Good Friday) en zijn co-scenarist Stephen Davis brengen geen feitenrelaas maar kiezen voor pure speculatie. Ze vertrekken van een raadselachtige hoofdfiguur en weven rond zijn persoon een sober melodramatisch verhaal vol film noir sfeertjes en met raakpunten naar bekende en betwiste feiten. Een beetje in de stijl van Tom Stoppards Rosencrantz and Guildenstern Are Dead waarin de Hamlet-tragedie bekeken wordt vanuit het standpunt van twee bijrolspelers, biedt Ruby een verzonnen verhaal waarin de grote politieke tragedie uit de moderne Amerikaanse geschiedenis vanuit een bijkomstig perspectief bekeken wordt. Het begint allemaal in 1962. Jack Ruby (Daniel Aiello) werkte vroeger voor de maffia en heeft nu een deal met de FBI voor wie hij in het geniep bezwarende gesprekken met louche figuren registreert. Toevallig raakt hij betrokken bij een maffia plan om Fidel Castro te liquideren. Voor hij het goed beseft, zit hij ook met zijn neus op de moordaanslag op de president gedrukt, hier voorgesteld als een samenwerking tussen de onderwereld en de CIA. David Ferrie, de wenkbrauwloze engerd die in Oliver Stones JFK door Joe Pesci werd gespeeld, daagt hier als een soort boodschapper van de duivel op. En alles wat Ruby onderneemt wordt gadegeslagen door een schimmige CIA-man die als een engel des doods fungeert. Aiello is uitstekend als de gangster-schlemiel van middelbare leeftijd die onhandig koord danst op de rand van kleine criminaliteit en grootscheeps complotten. De kern van de film is zijn tedere relatie met (fictieve) stripper Candy Cane. Sherilyn Fenn is tegelijk schalks en aandoenlijk als deze Marilyn Monroe-kloon die dankzij de bemiddeling van een Sinatra-achtige crooner in Las Vegas met de president naar bed gaat. Met Frank Orsatti, Jeffrey Nordling, Veronica Hart, David Duchovny.

Jfk
Kevin Costner als de charismatische president Kennedy

Love Field (1992) | Jonathan Kaplan

Michelle Pfeiffer brengt in Love Field een prima vertolking als een door JFK-geobsedeerde wat onnozele huisvrouw uit Texas die zich voor haar opschik aan Jacky Kennedy spiegelt. In november 1963 haalt Lurene haar mooiste jurk en bijhorend leuk hoedje uit de kast om op de luchthaven van Love Field, Dallas, de First Lady en haar man uit het vliegtuig te zien stappen. De grote dag in haar leven wordt bijkans verknald omdat ze Jacky niet eens de hand kan drukken. Als ze enkele uren later op televisie de schokkende beelden van de moord ziet, stort haar wereld in. Jonathan Kaplan filmt de schok die heel Amerika toen voelde in doeltreffende vertraagde beweging, als het moment waarop de tijd stilstond. Enkele dagen later glipt de getrouwde Lurene heimelijk het huis uit, stapt ze op de Greyhound bus richting Washington om de uitvaart van haar geliefde president bij te wonen, maar geraakt ze nooit op haar bestemming. Tijdens de busreis wordt ze namelijk afgeleid door een zwarte man en zijn tienjarig dochtertje met wie er iets raar aan de hand is. Het lijkt wel alsof het kind mishandeld werd en de man opgespoord wordt. Lurene bemoeit zich met de twee, maar haar oprechte hulpvaardigheid brengt de in zijn lot berustende zwarte man pas goed in de problemen. Vooraleer ze het goed en wel beseft, zijn ze alle drie op de vlucht in een gestolen auto, achternagezeten door wetsdienaars, brutale rednecks en Lurenes uit zijn lood geslagen echtgenoot. Ofschoon de blanke burgertrut en de zwarte outlaw geleidelijk naar elkaar toegroeien is Love Field minder een interraciale love story dan een subtiele kijk op begrip en onbegrip tussen individuen in het Amerika van de rassenscheiding in de vroege jaren 1960. Tijdens de reis door het zuiden van de VS ontdekt de naïeve vrouw die maar tatert over hoeveel JFK voor de zwarte bevolking heeft gedaan, de minder prettige kanten van de blanke suprematie. Met Dennis Haysbert, Stephanie McFadden, Brian Kerwin.

Bobby (2006) | Emilio Estevez

Deze mozaïekfilm speelt zich af in Los Angeles tussen 4 en 5 juni 1968 en toont het leven van een fictieve groep mensen in het Ambassador Hotel waar presidentskandidaat Robert F. Kennedy op het balkon wordt doodgeschoten door Sirhan Sirhan die er volgens getuige Pete Hamill uitzag als een getrainde huurmoordenaar. Vijf mensen raakten gewond bij de poging om het wapen te bemachtigen maar overleefden de schermutseling. De charismatische Robert Kennedy die volgens velen het talent had om het zwaar gehavend Amerikaans nationaal narratief te herstellen, stierf enkele luttele minuten nadat hij Eugene McCarthy (niet te verwarren met Joseph onzaliger gedachtenis) had verslagen in de Californische primaries. De dag ervoor had hij nog zorgeloos gerelaxeerd aan het zwembad van de villa in Malibu van bevriende regisseur John Frankenheimer (in dit programma vertegenwoordigd met twee films: Seven Days in May en The Manchurian Candidate). Met Anthony Hopkins, Demi Moore, Sharon Stone, Harry Belafonte, Emilio Estevez, Laurence Fishburne, Heather Graham, Helen Hunt, Shia LaBeouf, Lindsay Lohan, William H. Macy.

Parkland
In "Parkland" werpt kijkt Peter Landesman met een frisse blik naar de moord op JFK

Parkland (2013) | Peter Landesman

Voor wie dacht dat intussen alles al gezegd was over die fatale novemberdag in 1963, is Parkland een welkome toevoeging aan het cinematografisch dossier over de wereldschokkende moord op JFK. Gebaseerd op Vincent Bugliosi’s fel bejubeld boek Four Days in November bekijkt regisseur Peter Landesman de noodlottige gebeurtenissen in Dallas vanuit de ogen van de omstanders, de medische staf en de geheim agenten die er vanop de eerste rij getuige van waren hoe Kennedy in het Parklandziekenhuis aan zijn verwondingen bezweek. Hiervoor verzamelde Landesman een topcast. Zac Efron speelt de jonge chirurg Jim Carrico die tevergeefs het leven van de president probeert te redden. Billy Bob Thornton is de baas van de Dallas Secret Service dat samen met de FBI verantwoordelijk werd geacht voor ‘the biggest fuck-up in the history of federal law enforcement.’ James Badge Dale kruipt in de huid van Robert, de door schaamte en verdriet getekende broer van moordenaar Lee Harvey Oswald en Jacki Weaver in die van Oswalds manische moeder. Verder krijgt de onwetende cameraman Abraham Zapruder (Paul Giamatti) een sleutelrol. Hij is de man die per toeval een van de meest bekeken en onderzochte beelden van de geschiedenis heeft geschoten en het beruchte 8mm- filmpje voor 50.000 dollar verkocht aan Life Magazine. Een van de onthutsende voorvallen in het Parklandziekenhuis is dat twee dagen nadat Kennedy op de spoed belandde, ook zijn moordenaar Lee Harvey Oswald, dodelijk getroffen door de kogels van Jack Ruby, op dezelfde operatietafel lag en een deel van hetzelfde hospitaalpersoneel zijn leven probeerde te redden, wat ook niet lukte. Met Tom Welling, Marcia Gay Harden, Matt Barr.

JFK Revisited: Through the Looking Glass (2021) | Oliver Stone

Dertig jaar na zijn epische speelfilm over de moord op John Fitzgerald Kennedy neemt Oliver Stone de draad weer op van zijn aloude complotobsessie. De bijkomende bewijzen die Stone aandraagt zijn gebaseerd op nieuwe documenten die in 2018 vrijgegeven werden, maar volgens de filmmaker ontbreken er nog een aantal omdat Trump ze niet wilde publiek maken. Niemand moet Stone leren hoe documentaires te maken die meeslepend en provocerend zijn, maar of ze je daarom tot een ‘conspiracy nut’ zullen bekeren, is een andere zaak.

Patrick Duynslaegher

Patrick Duynslaegher

Van 1972 tot 2011 was Patrick Duynslaegher filmcriticus voor Knack magazine, waar hij van 2001 tot 2011 hoofdredacteur was. Van 2011 tot 2018 was hij artistiek directeur van Film Fest Gent. Hij schreef onder meer voor Sight & Sound, the International Film Guide, Variety en Vrij Nederland. Hij is de auteur van vier boeken, een over André Delvaux’s ‘Woman in a Twilight Garden’, een verzameling reviews, een overzicht van 100 jaar cinema in reviews en een kritische studie over het werk van Martin Scorsese.