Triple Agent (2004)
Een spionagefilm van Eric Rohmer? Dit kan inderdaad vreemd lijken, al wordt er in zijn films heel wat afgespioneerd en is “kijken zonder gezien te worden” het devies van veel van zijn personages, denk maar aan Le Genou de Claire of La Femme de l’aviateur. Het grote verschil is dat Rohmer in Triple Agent een beroepsspion opvoert: een zekere Skobline die ervan verdacht werd om in de jaren die de Tweede Wereldoorlog voorafgingen tegelijk te werken voor het contrarevolutionaire Rusland, de USSR onder Stalin en Nazi-Duitsland. Om deze op zijn zachtst uitgedrukt uitzonderlijk dubbelzinnige figuur te portretteren, grasduinde Rohmer niet enkel in historische bronnen, maar baseerde hij zich ook op confidenties van de nicht van dit dubieuze personage. Zelfs de karikatuur die Nabokov van Skobline schetst in zijn huiveringwekkende novelle The Assistant Producer (1943) is een van de inspiratiebronnen.
Anno 1936 worden in Frankrijk de gemoederen verhit door het Volksfront en de Spaanse burgeroorlog. Fyodor (Serge Renko), een jonge generaal van het leger van de tsaar is naar Parijs gevlucht waar hij met zijn Griekse echtgenote Arsinoé (Katerina Didaskalou) bijdraagt aan de algehele verwarring. Terwijl zij met de communistische buren sympathiseert, maakt hij geheime reizen, wat zijn omgeving zorgen baart. Alhoewel hij niet verhult dat hij een spion is, zegt hij ook niet voor wie hij werkt. Maar weet hij het zelf wel? Het lijkt wel alsof hij zich verslikt in zijn verbale virtuositeit. Vast staat dat zijn wisselende allianties uiteindelijk het leven van het echtpaar in gevaar brengen.
Rohmer gaat niet op zoek naar de waarheid achter deze onwaarschijnlijke en onmogelijk te verifiëren geschiedenis, hij gebruikt integendeel archiefbeelden uit de Grote Geschiedenis (van de opkomst van het Front Populaire tot de Duitse bezetting) om een afstand te bewaren tegenover de historische gebeurtenissen. Zo defileren er onder andere beelden over het scherm van het inhuldigen van Guernica, het kubistisch meesterwerk van Picasso waarin de Spaanse schilder de gruwel toont van de terreurbombardementen, bevolen door generaal Franco, op de weerloze bevolking van het Baskische stadje.
Het centrale mysterie van de film – kan een vrouw ooit de echte natuur kennen van haar zogenaamd liefdevolle echtgenoot/ minnaar? – geeft aan deze volstrekt originele Kammer-thriller een onverwacht Hitchcockiaans en Langiaans accent. De meesterlijke wijze waarop Serge Renko zich van de taal bedient, maakt Fyodor ook tot een typische Rohmer-held. De Griekse actrice Katerina Didaskalou schittert in de rol van de ziekelijke en terecht wantrouwende echtgenote en slaagt er voorwaar in om met het ontbloten van een knie – voorwaar een fetisj van de regisseur van Le Genou de Claire – een zinnenprikkelende spanning te genereren. De raadselachtige figuur van Nikolaï Voronine stelt Rohmer in staat om zichzelf indirect te presenteren als spion en ongrijpbare demiurg, belust op totale controle, maar er toch op gebrand om in de schaduw te blijven.
Achter de ogenschijnlijke eenvoud van Triple Agent, een film die zich grotendeels binnenskamers afspeelt, schuilt een wrede, complexe en gedurfde film. Waarover Claude Chabrol, collega en bewonderaar van Rohmer vanaf het eerste uur, terecht opmerkte: “Toute l’histoire mondiale entre les quatre murs d’une cuisine, c’est encore plus terrible. Imaginez, qui oserait faire ça, de tels coups fourrés dans un petit appartement?” Triple Agent werd een onterechte financiële flop. Het is wellicht Rohmers meest onderschatte film.
Patrick Duynslaegher
Van 1972 tot 2011 was Patrick Duynslaegher filmcriticus voor Knack magazine, waar hij van 2001 tot 2011 hoofdredacteur van Knack Focus was. Van 2011 tot 2018 was hij artistiek directeur van Film Fest Gent. Hij schreef onder meer voor Sight & Sound, the International Film Guide, Variety en Vrij Nederland. Hij is de auteur van vier boeken, een over André Delvaux’s Vrouw tussen hond en wolf, een verzameling reviews, een overzicht van 100 jaar cinema in reviews en een kritische studie over het werk van Martin Scorsese.