Wide Angle video-essays: architectuur, locatie en ruimtelijkheid

LA GRAZIA Still 1 Andrea Pirrello large 1
Verdieping Video essay 19 jan 2026
In Rome is het sublieme altijd maar één pas verwijderd van het pathetische. Het zijn woorden van Napeolon die door regisseur Paolo Sorrentino aangehaald werden om zijn liefde voor die stad te verklaren.

Want inderdaad, de Romeinse films van de Napolitaan Sorrentino spelen die dualiteit van de Italiaanse hoofdstad ten volle uit. Het tijdelijke staat schouder aan schouder met het eeuwige, de profane macht schuilt er in sacrale gebouwen, en schoonheid schurkt er aan tegen vulgariteit.

De architectuur van de Eeuwige Stad speelt een belangrijke rol in die dualiteit en daar heeft Sorrentino een uitmuntend oog voor. Zowel in La Grazia als in La grande bellezza (2013) waart acteur Toni Servillo rond in Rome alsof hij bij het straatmeubilair hoort: een monument tussen monumentale gevels, een sfinx tussen de sculpturen.

In La Grazia vertolkt Servillo een Italiaanse president die zich naar het einde van zijn ambtstermijn sleept. Zijn ambtswoning, het Quirinaalpaleis, lijkt wel een vijfsterren gevangenis. De exuberant aangeklede salons druipen van treurnis, de opulente gangen eindigen in armtierige achterkamertjes. Alleen het dak biedt respijt en (rook-)ruimte. Wanneer de film de hoofdstad even verlaat, dan zijn de locaties even misplaatst opulent (de Scala in Milaan) of even mistroostig oppressief (een gevangenis in Turijn). Sorrentino’s meesterlijk gebruik van ruimte en architectuur maakt van La Grazia het geheugenpaleis van het hoofdpersonage. De locaties krijgen mythische ambities: dit Rome is de wachtkamer tussen het tijdelijke en het eeuwige.

Paolo Sorrentino is lang niet de enige filmauteur voor wie architectuur een belangrijk expressiemiddel is. De video essays hieronder zetten filmmakers in de kijker die architectuur konden uittillen boven de banaliteit van baksteen.

Italië als abstractie

De films van Michelangelo Antonioni moeten het Ministerie van Toerisme in Italië nachtmerries bezorgd hebben. Geen idyllische stranden maar vervaarlijke rotskusten. Geen pittoreske plaza’s maar verlaten industriële landschappen. Geen historische grandeur maar modernistische woonkazernes, van leven verstoken. Antonioni herleidt Italië (en later Londen en Californië) tot een architecturale abstractie: een kille kijkdoos waarin zijn personages verloren lopen.

Toch is het net dat idiosyncratisch gebruik van architectuur en locaties waar de films van Antonioni hun bevreemdende kracht aan te danken hebben. Dat is het punt dat Julian Palmer maakt in How Antonioni Uses Locations. Hij rijgt voorbeelden aan elkaar uit L'avventura (1960) en La notte (1961), uit L’eclisse (1962) en Zabriskie Point (1970). Ook al ligt de gestrenge soberheid van Antonioni ver van de barokke bevliegingen van Sorrentino, toch kan je in hun omgang met de (openbare) ruimte raakpunten ontdekken.

Een locatie als kameleon

Soms dringt de ruimtelijkheid van een plek zich op aan een film. Even vaak is het tegenovergestelde het geval: dan zetten beeldenmakers een locatie helemaal naar hun hand. Zelfs Rome ontsnapt niet aan die cinematografische dwingelandij. De Monte Gelato-watervallen (een toeristische attractie niet ver buiten de Italiaanse hoofdstad) zijn daar een schoolvoorbeeld van, zo bewijst Davide Rapp.

Rapp is architect van opleiding en dat is duidelijk in de video essays die hij maakt. Hij herschikt tweedimensionale filmbeelden om ze visueel uit te breiden of volume te geven, zoals in zijn vormexperimenten met The Shining of The High Sign. Het was slechts een kwestie van tijd voordat Rapp zijn vizier op Virtual Reality richtte om te experimenteren met de ruimtelijke mogelijkheden die deze technologie biedt.

Dat deed hij in 2021 met zijn VR-supercut Montegelato. Rapp kent de Romeinse watervallen goed – niet omdat hij er zelf kwam maar door de vele films die ze als decor gebruikten. Samen met een handvol medewerkers bracht Rapp bijna 200 films, televisieseries en reclamespots in kaart die daar zijn opgenomen. Ze digitaliseerden alle toepasselijke scènes en creëerden er een driedimensionale collage mee. (De volledige film is nog niet online te bekijken, maar deze korte blik achter de schermen geeft je een idee van de modus operandi van Rapp).

Het resultaat is een VR-film die de kijker midden in een pittoresk landschap plaatst. Tientallen naadloos aan elkaar geplakte clips reconstrueren de watervallen en hun omgeving. Het rechthoekige scherm wordt omgevormd tot een volledige cirkel die de kijker omsluit. Filmfragmenten verschijnen en verdwijnen maar elk beeld laat een gloed achter: een visueel spoor van zijn positie in de (virtuele) realiteit. Naarmate Rapps montage vordert komen steeds meer spookbeelden over elkaar te liggen. Zo ontstaat een virtueel palimpsest waarop transparante filmscènes boven elkaar worden gestapeld. Net zoals een geschreven palimpsest is dit video-equivalent een neerslag van de tijd. Het beslaat eeuwen: van de Romeinen tot futuristische beschavingen, van Griekse goden tot revolverhelden uit westerns (want zeer uiteenlopende genres gebruikten Monte Gelato als setting).

Montegelato is een ode aan zowel de vindingrijkheid als de clichés van de filmmakerij. Voor elke nieuwe manier om de watervallen te visualiseren, zie je ook filmfragmenten die elkaars beelden klakkeloos kopiëren.

Architectuur voor even en voor eeuwig

In Jean-Luc Godard as Architect neemt Jon Spira de kijker mee op een korte architectuurestafette doorheen de filmografie van de Franse beeldenstormer. Dit video essay is een gedachtenexperiment: wat als we Godard niet als regisseur of criticus maar als architect onder de loep nemen?

Als je bij Sorrentino aan Rome en Napels denkt, dan kom je bij Godard snel in Parijs uit. De Franse hoofdstad was instrumenteel voor de frisse wind die de Nouvelle Vague door de Franse cinema liet waaien. Godard gebruikte de frivole energie van haar boulevards en bars om zijn vroege werk leven in te blazen. Net zoals zijn personages respectloos door het Louvre renden, zo liepen Godard en zijn tijdsgenoten weg van de studiosets van de cinéma de papa, de straten van Parijs in. Voor even, en voor het leven aldaar.

(Ook de films Eric Rohmer, een andere coryfee van de Nouvelle Vague, zijn nauw verbonden met de Franse hoofdstad. Rohmers liefde voor de lichtstad wordt uit de doeken gedaan in de essayfilm Rohmer in Paris, die in 2014 door regisseur Richard Misek voorgesteld werd op Film Fest Gent).

Net als Sorrentino kon ook Jean-Luc Godard bestaande architectuur een tijdloos karakter geven. Nergens is dat duidelijker dan in Le mépris. De scènes in een vervallen uithoek van de Cinecittà studio zijn een metafilmische bespiegeling over de vergankelijkheid van de filmkunst. De iconische trappen van het Casa Malaparte lijken dan weer hovaardige treden naar de eeuwigheid. De passages die Godard in die villa op het eiland Capri filmde krijgen een bijna mythische dimensie waar Sorrentino jaloers op kan zijn. (Capri ligt voor de kust van het Penisola sorrentina, het schiereiland van Sorrento. Een poëtisch toeval waar Sorrentino dan weer om zou kunnen glimlachen).

Filmscalpel twitter logo

Filmscalpel

Platform en website die aandacht geeft aan het format van het video-essay, gecureerd door David Verdeure.

filmscalpel.com