World soundtrack awards

COVID-19: Info en maatregelen vind je hier

 
Kies je dag:
Sir Alan Parker: gedreven regisseur met uitdagende films
Sir Alan Parker: gedreven regisseur met uitdagende films In Memoriam
deel dit artikel

Film Fest Gent herdenkt de overleden Sir Alan Parker die in 2015 juryvoorzitter was op onze 42ste editie. Een humaan, gedreven regisseur, onovertroffen vakman met uitdagende, blijvende films als Midnight Express, Birdy, Mississippi Burning en Evita.

Hij was geboren om ooit juryvoorzitter te worden op Film Fest Gent. Want wie kon beter dan de pas op 76-jarige leeftijd overleden Sir Alan Parker oordelen over de impact van muziek op de film dan hij die films als Bugsy Malone, Fame, Pink Floyd: The Wall, The Commitments en Evita op zijn naam heeft staan en Giorgio Moroder zijn eerste filmscore liet componeren voor zijn Midnight Express. Evenveel illustraties van zijn opvatting dat je met de combinatie van beeld en muziek het hoogste kan bereiken als cineast. Dat hij tegelijk in de vernoemde films de jongeren kon betrekken, was meegenomen want de jeugd vormde evenzeer een kernthema in zijn oeuvre.

Afzetten

Een oeuvre dat bij zijn overlijden als eclectisch wordt omschreven en het gevolg is van Parkers obsessie om niet in herhaling te vallen. In interviews herhaalde hij dat hij zich met een nieuwe film afzette tegen zijn voorgaande. Zo waren in Mississippi Burning de FBI-agenten de “good guys” en in Come See the Paradise de “bad guys”. Maar of deze anekdotische vergelijking ook voor de rest van zijn films geldt, valt nog te bezien. Zeker is dat Parker heel diverse onderwerpen koos. Van musicals, over thrillers en sociale drama’s tot satire en huwelijksproblematiek. Met daar respectievelijk titels tegenover als Evita, Angel Heart, Angela’s Ashes, The Road to Wellville en Shoot the Moon. Een en ander moet je nog aanvullen met onder meer zijn bekende doorbraakfilm Midnight Express en Birdy over twee jongeren die fysiek en psychisch gehavend uit Vietnam terugkeren. In 1985 goed voor de Grand Prix van de jury in Cannes.

Vakmanschap

Meer dan naar de verschillen in al die films is het nuttiger en eenvoudiger om naar een gemeenschappelijk kenmerk ervan te zoeken. En dan kom je zonder twijfel uit op het technische vakmanschap van Alan Parker. Daarenboven is hij een rasechte verteller. Hij trekt je als toeschouwer naar zich toe. Sleept je mee in zijn verhaal. Je kijkt niet vrijblijvend en dat lokt soms reactie uit. Heftige reactie. Controverse zelfs. Ook die schaduw hangt over het oeuvre van Alan Parker en beïnvloedde soms het oordeel van het publiek en van de filmkritiek. Meer dan eens werd een niet zo gunstige recensie na verloop van tijd echter bijgesteld. Zelfs vooraanstaande critici gaven Parkers films later soms een upgrade. Hij kon er, ook achteraf, schalks en mild om glimlachen.

Film Fest Gent

Kelder

Maar keren we even terug waar het voor de op 14 februari 1944 in het Noord-Londense Islington geboren Alan Parker allemaal begon. Letterlijk in de kelder van een reclamebureau waar hij - natuurlijk - een van de beste copywriters was. Dat agentschap draaide ook eigen filmpjes en meer dan toekijken deed Parker daarbij niet. Tot hij op een keer een acteur in een scène terechtwees omdat die niet bracht wat van hem werd verwacht. De jonge producer David Puttnam die ook voor het agentschap werkte, merkte dat op, nam hem onder zijn vleugels en de rest is filmgeschiedenis. Na een tv-film, The Evacuees, was Bugsy Malone het eerste wapenfeit van Alan Parker, die nooit verborg dat zijn kinderen een grote rol speelden in het tot stand komen van deze ook door kinderen vertolkte cocktail van musical en gangsterfilm. Twee Amerikaanse filmgenres die Parker toen al nauw aan het hart lagen. De film ging vrij onopgemerkt voorbij maar het optreden van Jodie Foster gaf de film een heel lang leven. Hij werd in 1980 in Gent vertoond.

Forum

Met Midnight Express kwam Alan Parker definitief op het internationale forum. Zijn meedogenloze beschrijving van het leven in een Turkse gevangenis waarin een Amerikaanse drugsmokkelende student terecht komt, verpletterde het publiek in Cannes en leverde de regisseur het verwijt op een racist te zijn. De film werd grotendeels verketterd en veroorzaakte een diplomatieke rel met Turkije. Parker kreeg er wel een Oscarnominatie voor maar won niet. Giorgio Moroder (muziek) en Oliver Stone (scenario), verzilverden hun nominatie.

Van Britse kant kreeg Alan Park het hard te verduren toen hij zijn Fame over het leven in een New Yorkse dansschool draaide. Waarom had hij zijn film niet in pakweg een Londense dansstudio gesitueerd? In de VS had men hem met open armen en met de nodige dollars ontvangen, was het antwoord. De rel illustreert de halfslachtige houding die Alan Parker lange tijd had met zijn geboorteland. Hij trok naar het buitenland omdat de Britse film niet ambitieus genoeg was, alleen maar oog had voor intellectualistische films, het publiek niet serieus nam, je er als regisseur geen armslag kreeg, ook niet financieel. Parker stond daarbij niet alleen en zijn oversteek naar de Verenigde Staten kreeg navolging. Onder meer collega’s als Adrian Lyne, Ridley en Tony Scott zorgden voor een cinematografische braindrain.

Te kijk

Maar de gulle ontvangst in Amerika sloot de ogen niet van Alan Parker. Integendeel. Met zijn Mississippi Burning zette hij racistisch Amerika te kijk, maar Parker kreeg te horen dat hij de feiten waarop de film gebaseerd is te veel had gemanipuleerd. Over deze film waarin racistische moorden worden opgelost schreef de betreurde criticus Roger Ebert: “No other movie I’ve seen captures so forcefully the look, the feel, the very smell of racisme". Het mocht niet baten, want de regisseur kreeg het verwijt op zijn bord dat hij te weinig aandacht had voor de black civil rights activists, de slachtoffers dus. Parker en controverse: ze gaan net niet hand in hand.

Film Fest Gent

Pijnlijk

Het lijkt er bijna op dat Parker het gaspedaal nog wat dieper indrukte toen hij in zijn volgende film Come See the Paradise doorheen een liefdesverhaal de pijnlijke geschiedenis blootlegde van de concentratiekampen waarin Japans-Amerikaanse burgers werden opgesloten tijdens de Tweede Wereldoorlog. Alles gebeurde in het licht van Pearl Harbor. Wat je eventueel nog zou kunnen begrijpen, ware het niet dat alleen de Japanners werden geviseerd terwijl Duitsers en Italianen gespaard bleven.

Of de grond toen te heet werd onder Parkers voeten, weten we niet maar hij keerde in ieder geval naar Engeland terug om met The Commitments een van zijn, ook door hem, meest geliefde films te draaien. De film gaat over een groep achtergestelde jongeren in Noord-Dublin die het plan opvatten om een soul band uit de grond te stampen. Voor Parker een gelegenheid om terug te denken aan zijn eigen jeugd.

Filmcritici

Na Evita scoorde hij nog met het sombere Angela’s Ashes en hij sloot zijn filmcarrière ietwat in mineur af met The Life of David Gale waarin een tegenstander tegen de doodstraf zelf in de dodencel terecht komt. De kritiek op de film was genadeloos en daarop besloot Parker, naar eigen zeggen, de eer aan zichzelf te houden. Maar of dat klopt? Zeker is dat hij nadien geen geld meer vond voor zijn projecten. En er dan maar de brui aan gaf.

Even zeker is dat hij een tweeslachtige houding had met filmcritici. Hij kon het niet veilen dat zij, naar zijn zeggen, “in tien minuten het intense werk van twee of meer jaar afkraakten”. Het klinkt als een veralgemenende boutade en ze strookt helemaal niet met wat hij voor de pers deed. Hij schreef zelf zijn persdossiers. Nee, helemaal niet om ons voorgekauwde kost te serveren. Want daarvoor waren ze te essayistisch van aard, vol met inzichten over het hoe en het waarom van aanpak en vormgeving. Bovendien pittig en vooral humoristisch en zelfrelativerend geïllustreerd. Want cartoonist ook dat was hij.

Canvas

Toen zijn regisseurscarrière voorbij was, kwam hij onder meer aan het hoofd van het ooit door hem verguisde British Film Institute. Daar bleef het niet bij want hij werd hoofd van de Federation of European Film Directors (FERA) en werd door de Britse koningin in 2002 geëerd met een adellijke “Sir”. De jongste drie jaar ruilde hij ten slotte het filmdoek voor het canvas van de schilder. Hij voelde zich daar perfect gelukkig bij. Want verlost van honderd andere mensen die bij het maken van een film betrokken zijn. Regisseur zijn was voor hem een fysiek uitputtend beroep en daarom schreef hij ook liever aan zijn scenario’s. Schrijver zijn vond hij een geciviliseerd beroep. Mogen we daar nog een gelijkaardig uitgevoerd “beroep” aan toevoegen? Dat van juryvoorzitter. We zijn hem dankbaar dat hij daarvoor in 2015 naar Film Fest Gent kwam.

Raf Butstraen

Voormalig filmrecensent - met 33 jaar filmgeschiedenis op de teller - Raf Butstraen schrijft voor Film Fest Gent.

Online communicatie door Wisefools