World soundtrack awards
Kies je dag:
'Anatomy of a Murder' in Flagey
'Anatomy of a Murder' in Flagey
deel dit artikel

Elke maand stelt Patrick Duynslaegher in Ciné-Club Flagey (Brussel) een van zijn favoriete films voor. Donderdag 17 januari is het de beurt aan ‘Anatomy of a Murder’ (1959) van Otto Preminger.

'Anatomy of a Murder' is een van de meesterwerken uit de tweede fase in de Hollywoodcarrière van Otto Preminger die in 1905 in Oostenrijk werd geboren, in de vroege jaren dertig in Wenen een gevierd toneelregisseur was en in 1936 de wijk nam naar de V.S., zoals veel Oostenrijks en Duits talent (Lang, Wyler, Siodmak, Sirk) dat voor het nazisme op de vlucht sloeg.

Dossierfilmer

Na een kort intermezzo als toneelregisseur op Broadway, verwierf hij in de jaren veertig faam met een opmerkelijke film-noircyclus, waarvan Laura (1944) de meest bekende is, die hij zelf ook als zijn eerste film beschouwde (hij distancieerde zich van de vijf films die hij daarvoor maakte, waaronder zijn enige Duitse film, 'Die Grosse Liebe') terwijl ook 'Fallen Angel' (1945), 'Whirlpool' (1949), 'Where the Sidewalk Ends' (1950) en 'Angel Face' (1952) zeker niet te versmaden zijn.

Die tweede periode in zijn filmografie vangt aan in de jaren zestig. Preminger draait dan een aantal feitengedreven en vaak groots opgevatte ‘dossierfilms’ waarin hij telkens een institutie of politiek/maatschappelijk en vaak controversieel vraagstuk tegen het licht houdt: het Amerikaanse rechtssysteem in 'Anatomy of a Murder' (1959); Zionisme in 'Exodus' (1960), een epos over de geboorte van de staat Israël; politieke intriges in Washington en besluitvorming in de Senaat in 'Advise and Consent' (1962), de rooms-katholieke kerk in 'The Cardinal' (1963), de militaire strategie na de verrassingsaanval op Pearl Harbor in 'In Harm’s Way' (1964), racisme en segregatie in het diepe Zuiden van na de Tweede Wereldoorlog in 'Hurry Sundown' (1967). En in 'The Man with the Golden Arm' (1955), een film die maar half in dit lijstje past, confronteerde hij het publiek voor het eerst met een expliciete uitbeelding van de verwoestende gevolgen van drugsverslaving.

Van boek tot film

Zoals alle titels in deze reeks, is ook 'Anatomy of a Murder' gebaseerd op een in Amerika immens populaire bestseller (66 weken op de lijst  best verkopende boeken van de New York Times). De auteur, Robert Traver, is het pseudoniem van John D.Voelker, zeven termijnen lang de openbare aanklager van Marquette County, Michigan. Hij baseerde 'Anatomy of a Murder' op een rechtszaak waarin hij voor een keer de verdediging opnam, van een U.S. Army luitenant die de bareigenaar vermoordde die zijn vrouw zou verkracht hebben

Preminger kocht niet alleen de filmrechten, hij huurde ook Voelker in als technisch adviseur. Dit, en het feit dat hij de film zo veel mogelijk op de echte locaties draaide, moest het waarheidsgetrouw realisme ten goede komen.

Feilloze analyse

James Stewart speelt in een van zijn meest gedenkwaardige rollen de kleinsteedse advocaat en vrijgezel Paul Biegler. Ooit was hij een succesvolle openbare aanklager, intussen is hij wat uitgebold en legt hij meer passie aan de dag voor visvangst dan voor moeder justitie. Tot hij overgehaald wordt (een beetje onder druk van zijn secretaresse die hij niet langer kan betalen en een oudere bevriende advocaat die nu aan de drank is en in de loop van de rechtszaak zijn waardigheid zal terugwinnen) om een luitenant te verdedigen die de verkrachter van zijn vrouw doodde. De rechtszaak spitst zich toe op de vraag: ging het om een simpele moord gepleegd met voorbedachten rade, of was de dader tijdelijk niet verantwoordelijk voor zijn daden en had hij ‘een onbedwingbare impuls’ om de verkrachter neer te schieten. 

De titel 'Anatomy of a Murder' geeft perfect aan wat Preminger nastreeft. Hij bouwt zijn film langzaam op, zodat we via de kleinste details (de film duurt dan ook 159 minuten) helemaal ondergedompeld worden in deze moordzaak, en analyseert feilloos de procedures bij het proces. Het oproepen van de diverse getuigen vormt geen aanleiding tot de bekende semigrappige nummertjes uit het courtroom-genre, maar helpt mee om deze rechtszaak vanuit verschillende hoeken te belichten. De toeschouwer komt ook niet meer te weten dan wat er tijdens het tribunaal boven water komt. Tot het eind blijft er ruimte voor ambiguïteit en interpretatie (James Stewart heeft het op zeker ogenblik over de ‘natuurlijke onzuiverheden van de wet’) en toont Preminger zijn ambivalente houding ten aanzien van goed en kwaad.

Zelfpromotie

Wat de film cinematografisch zo opmerkelijk maakt, is hoe Premingers geroemde ‘objectieve’ mise-en-scène volledig is afgestemd op zijn analytische benadering. De regisseur manipuleert zo weinig mogelijk via montage; zijn favoriete beeldinstelling toont ons een globale situatie en houdt de kijker op een afstand, zodat we zelf moeten ontleden wat er gebeurde. Met andere woorden: cinema die de intelligentie van de toeschouwer respecteert en aanmoedigt.

Preminger was in de jaren vijftig en zestig samen met Hitchcock een van de weinige Amerikaanse regisseurs die ook bekendheid genoot bij het grote publiek. Hij dankt dit tot op zekere hoogte aan zijn occasioneel acteren in films van andere regisseurs. Ironisch genoeg werd hij bij voorkeur gecast in de rollen van dictatoriale nazi’s, zoals in 'Stalag 17' (1953) van zijn landgenoot Billy Wilder. 

Preminger die ook al zijn latere films produceerde wist ook als geen ander zijn films te verkopen.  Zo komt hij in de bioscooptrailer van zijn films ook vaak als verteller in beeld en was hij zeker niet om een gimmick verlegen. In de trailer van 'Anatomy of a Murder' bijvoorbeeld, zien we hoe de tirannieke regisseur met het zwaar Weens accent dat hij nooit van zich afschudde en wellicht zelfs een beetje cultiveerde, zijn acteurs en crewleden aan de balie doet zweren dat ze hun uiterste best hebben gedaan!

Kruisvaarder

Preminger was ook een baanbrekend regisseur die voortdurend met de Amerikaanse keuringcommissie overhoop lag en in zijn carrière menig taboe brak. Zo draaide hij met de nochtans vrij onschuldige komedie 'The Moon is Blue' (1953) de eerste film waarin het woord virgin te horen was en introduceerde hij in 'Advise and Consent' voor het eerst in een grote productie een homobar. Preminger, voorvechter van burgerrechten en anticensuuractivist, verbrak ook het beroepsverbod van scenaristen die door de heksenjacht op communisten op de zwarte lijst terechtkwamen en na hun gevangenisstraf een pseudoniem moesten gebruiken om nog aan de bak te komen. Zo prijkte  de echte naam van blacklisted Dalton Trumbo voor het eerst op de generiek van 'Exodus'.

Preminger vocht ook een echte kruistocht uit tegen de televisiereuzen die films bij vertoning op tv om zeep helpen. Hij sleepte Columbia Pictures Corporation voor de rechter omdat de studio bij de verkoop van 'Anatomy of a Murder' aan 101 televisiestations toeliet dat de film verminkt werd door er in te knippen en door hem te onderbreken met reclamespotjes. Lilian Ross berichtte in The New Yorker in een 24 pagina’s tellend Profile over deze zaak waaruit ik toch iets wil citeren. Voor de aanvang van het proces zegt Preminger, die om zijn vader te plezieren, zelf rechten studeerde vooraleer hij de show business ontdekte, tegen één van zijn advocaten: "My esteem for you will not be determined by whether you win of lose. I judge only efforts, not results." Waarop de raadsman antwoordt: "I admire your objectivity."

Ander talent

Baanbrekend was Preminger ook in zijn keuze van filmmuziek en in de grafische omkadering van zijn films. Zo liet hij de score van 'Anatomy of a Murder' componeren en spelen door jazzlegende Duke Ellington wat radicaal inging tegen de symfonische (over)scoring die toen de rigueur was. Ellingtons muziek wordt trouwens zuinig en zeer doelgericht gebruikt, meestal in transitiescènes en zelden, zoals in Hollywood gebruikelijk, om de dramatiek op te kloppen; Ellington krijgt ook een klein gastopreden in de barscène waarin James Stewart samen met hem aan de piano zit.

Een ander teken van Premingers moderniteit in het Amerika van de late jaren vijftig is dat hij al vroeg een lange samenwerking aanging met de top graficus Saul Bass, bekend voor zijn streng geometrische, uitermate gestileerde en naar het abstracte neigende typografie. Bass werd door Preminger ingeschakeld om aan zijn films een zeer hedendaagse look te geven, van het logo op het briefpapier van zijn productiemaatschappij tot de begingeneriek van de film en de hele reclamecampagne. Bass die altijd voor eenvoud en efficiëntie ging, koos voor de credits-sequentie van 'Anatomy of a Murder' voor een letterlijke illustratie van de titel: de dissectie van een lichaam, summier getekend in zware blokken tegen een scherp contrasterende witte achtergrond.

'Anatomy of a Murder': donderdag 17 januari om 19:30 in Ciné-Club Flagey (Studio 5), Brussel. 

Reservaties: www.flagey.be / www.cinematek.be

'Anatomy of a Murder' in Flagey
Patrick Duynslaegher

Patrick Duynslaegher

Van 1972 tot 2011 was Patrick Duynslaegher filmcriticus voor Knack magazine, waar hij van 2001 tot 2011 hoofdredacteur was. Van 2011 tot 2018 was hij artistiek directeur van Film Fest Gent. Hij schreef onder meer voor Sight & Sound, the International Film Guide, Variety en Vrij Nederland. Hij is de auteur van vier boeken, een over André Delvaux’s ‘Woman in a Twilight Garden’, een verzameling reviews, een overzicht van 100 jaar cinema in reviews en een kritische studie over het werk van Martin Scorsese.
 

Online communicatie door Lavagraphics